Project

Tussen getij en gemeenschap

Om de druk op de Waddenzee te verminderen en ecosystemen te versterken werken de ministeries van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en Infrastructuur en Waterstaat aan het Beleidskader Natuur Waddenzee. Hiervoor is verandering van menselijke activiteiten noodzakelijk. Maar wat betekent dit voor de mensen die in het Waddengebied wonen, werken, recreëren en leven?

  • Gebiedsgericht vooruit
Doorlooptijd:
2025 - 2026
Opdrachtgever:
icon

Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

Om de druk op de Waddenzee te verminderen en ecosystemen te versterken werken de ministeries van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) en Infrastructuur en Waterstaat (IenW) aan het Beleidskader Natuur Waddenzee. Hiervoor is verandering van menselijke activiteiten – zoals bodemberoering, vervuiling of verstoring – noodzakelijk. Maar wat betekent dit voor de mensen die in het Waddengebied wonen, werken, recreëren en leven? In opdracht van het ministerie LVVN heeft Het PON & Telos verkend wat sociaaleconomische randvoorwaarden zijn bij voorliggend natuurbeleid. Op basis van literatuurstudie, data-analyse en expertsessies is een ex ante denkkader ontwikkeld, waarmee de verbondenheid van Waddengemeenten in sociaal, cultureel en economische zin inzichtelijk wordt.

Doel van de verkenning

Met deze verkenning worden drie vragen beantwoord: hoe verschillen gemeenten in hun verbondenheid met de Waddenzee, wat zijn mogelijke sociaaleconomische effecten van veranderende menselijke activiteiten op gemeenten en welke sociaaleconomische randvoorwaarden voor ecologisch beleid vloeien hieruit voort?

Hiermee dient dit onderzoek als ex ante denkkader voor toekomstige beleidskeuzes rondom het verminderen van de cumulatieve druk op de Waddenzee. Aan de hand van drie fictieve scenario’s voor het reduceren van die druk (laag – midden – hoog) biedt het denkkader een bril om naar de doorwerking van (mogelijke) sociaaleconomische effecten op lokaal niveau te kijken en deze te vergelijken. Daaruit volgen een aantal belangrijke inzichten:

  • Kwaliteit van leven en leefomgeving zijn met elkaar verbonden: Naast ecologische opgaven spelen er ook sociaaleconomische ontwikkelingen in het Waddengebied. Denk aan vergrijzing, krimpende voorzieningen, bereikbaarheid of arbeidsmarktkrapte. Natuur, economie en samenleving werken op elkaar in: natuurherstelbeleid moet daarom vanuit brede welvaart worden bezien.
  • Hét Waddengebied bestaat niet: effecten zijn regionaal gedifferentieerd: De veertien Waddengemeenten verschillen sterk in economische afhankelijkheid, culturele verbondenheid en sociale kwetsbaarheid: recreatie draagt de eilandeconomieën, visserij heeft een sterke culturele betekenis, en haven- en industrieactiviteiten concentreren zich in Den Helder, Harlingen en Eemsdelta.
  • Aandacht voor kwetsbare gebieden: In Den Helder, Harlingen, Eemsdelta en Texel stapelen sociaaleconomische kwetsbaarheden zich op, waardoor ecologische maatregelen hier via meerdere sporen tegelijk kunnen doorwerken. Ook Oldambt verdient aandacht vanwege hoge sociale kwetsbaarheid, al is de economische verweving met de Waddenzee daar beperkter.

Drie typen randvoorwaarden

Om recht te doen aan de regionale verschillen en de verbondenheid met de activiteiten op de Waddenzee, worden drie typen sociaaleconomische randvoorwaarden voorgesteld:

  • Distributief: Analyseer voorafgaand aan maatregelen wie in het Waddengebied geraakt wordt en in welke mate. Compenseer onvermijdelijke schade en zorg voor flankerend en sociaaleconomisch beleid (bv. omscholing, sociaal vangnet) voor getroffen economische sectoren en werkenden.
  • Structureel: Verbreed de economische basis van sociaal kwetsbare gemeenten (bv via koppeling toerisme aan natuurkwaliteit, benutting havens in energietransitie), erken en koester de culturele betekenis van de Waddenzee in transitieprocessen, en investeer in menselijk kapitaal via arbeidsmarktbeleid en onderwijs.
  • Institutioneel: Werk integraal samen aan natuur-, economisch- en sociaal beleid, creëer ruimte voor adaptieve beleidsvoering en bijsturing op basis van monitoring, en hanteer een gebiedsgerichte aanpak met een lange-termijnoriëntatie richting 2050.

Deze verkenning laat zien dat ecologische draagkracht van de Waddenzee en sociaaleconomische vitaliteit van het Waddengebied geen tegenpolen zijn. Het formuleren van sociaaleconomische randvoorwaarden vormen geen rem op noodzakelijk ecologisch beleid, maar een vereiste voor de uitvoerbaarheid en maatschappelijke houdbaarheid ervan. Werken aan een ecologisch gezonde Waddenzee, gaat niet zonder investeren in een sociaal-cultureel verbonden en economisch vitaal Waddengebied.